Dag Een: Concert Zoran Dukic
Mijn leraar Robert had me al een beetje warm gemaakt voor dit optreden, zodat ik er met de nodige nieuwsgierigheid naar toe leefde. Ik had Zoran Dukic nog nooit horen spelen, maar dat is niet verwonderlijk omdat ik niet stad en land rondreis voor gitaarconcerten.
Er waren een paar zaken die me opvielen tijdens zijn concert.
Allereerst de precisie van zijn spel: geen piepjes, geen kraakjes, geen onnodig doorklinkende snaren. Nu ik zelf met afwerkingsaspecten in mijn spel bezig ben, heb ik een idee van wat dat inhoudt aan extra activiteiten naast het spelen van noten. Zoran Dukic deed het allemaal, ter versterking van de muziek en zeker zonder dat deze extra moeite ten koste van de muziek ging.
Dan was daar de geweldige duidelijkheid in zijn zachte passages. Juist daarin toonde hij zich de meester, alles bleef helder en transparant, zonder in de watten weg te zakken.
Het eerste stuk dat Dukic speelde was de Sonate van Antonio Jose (1902 - 1936), een uitdagend werk in vier delen. De structuur van de delen was lekker duidelijk, wat heel fijn is voor een "nog-niet-verder-dan-neo-klassiekeling" zoals ik.
Jose’s sterfdatum (1936) en het feit dat toen de Spaanse burgeroorlog woedde doet vermoeden dat hij voortijdig aan zijn einde is gekomen. En inderdaad, hij werd door de rebellen van Franco gevangen genomen en gefusilleerd.
Zoran Dukic speelde dit licht moderne stuk virtuoos met geweldig gespeelde zachte passages. Pavana Triste kende een werkelijk dramatische uitbarsting van dynamiek.
We zouden deze sonate trouwens meer horen tijdens dit festival: blijkbaar heeft Jose’s compositie de Sonate van Ginastera opgevolgd.
Na Jose’s meesterstuk was het de beurt aan Manuel Ponce met zijn Sonata Meridional. Dukic’s interpretatie bracht deze muziek over als heerlijk warmte in mediterrane pasteltinten onder de Mexicaanse zon met een krachtige afwerking van de virtuoze passages.
De daarop volgende Romanza van Miguel Llobet kende ik omdat Naxos een CD heeft uitgebracht met al zijn gitaarwerken. Ook al leefde Llobet muzikaal een beetje in de schaduw van zijn leermeester Francisco Tarrega, hij had toch een heel eigen romantische stijl. Wie kent zijn Catalaanse volksliedarrangementen niet? Dukic deed Romanza eer aan: ongelooflijk teder gespeeld.
Na de Sjans volgt de Dans: Scherzo Vals. Een bijzonder virtuoos gespeelde wals met razendsnelle loopjes en de glans van een Valse Brilliante van Chopin. Hiermee konden we uitgelaten de pauze in!
Na de pauze liet Zoran Dukic een aspect zien, dat we nog niet van hem hadden gehoord: een mooi verhaal over de muziek die hij speelde. Op het programma stond een aantal Caprichos de Goya van Castelnuovo-Tedesco, gebaseerd op een aantal schilderijen van de Spaanse schilder Francisco Goya.
Goya was in zijn tijd een ge-engageerd man die heel wat maatschappijkritiek in zijn schilderijen verwerkte, iets wat tot dan toe betrekkelijk ongewoon was. Jammer genoeg vonden de onderwerpen van kritiek dat ook, zodat hij nog een tijd gevangen heeft gezeten wegens zijn denkbeelden.Dukic vertelde geanimeerd over Goya’s schilderijen die achter de Caprichos zaten, met als gevolg dat je heel wat gerichter gaat luisteren.
Na het beluisteren van Dukic’s sfeervolle vertolking kon ik niets anders dan Castelnuovo-Tedesco’s werk vergelijken met een ander meesterwerk dat Goya’s schilderijen als onderwerp heeft: de Goyescas van Enrique Granados. Dukic vertelde dat Castelnuovo-Tedesco de Caprichos als zijn beste werk beschouwde en ik kan hem geen ongelijk geven. Prachtige muziek!
Van Italië ging het naar Paraguay, de muziek van Augustin Barrios. Ja, wat kan ik er van zeggen: ik ben gek op die muziek en Zoran Dukic zorgde ervoor dat het wederom ;-))) "erger" werd. De Caazapa was een stuk dat ik nog niet eerder had gehoord: een swingende dans met Latin accenten.
Astor Piazzola sloot de rij met Invierno Porteno en Muerte del Angel.
Het is grappig, voor de Twentse Gitaarfestivals kende ik nauwelijks gitaararrangementen van Piazzola’s werk, ik had een paar losse stukje en de twee CDs van Gidon Kremer’s arrangementen voor viool en klein ensemble. Dat is sindsdien flink veranderd, mede door de kundige bewerkingen, want het blijft natuurlijk niet meevallen om de atmosfeer van een compleet tango-orkest inclusief Bandoneon op de gitaar te vangen.
Die kundigheid kwam vooral naar boven bij het arrangement van Invierno Porteno. Sergio Assad is ook niet de eerste de beste voor een dergelijke klus. Dukic’s spel werd een hommage aan zowel componist als de arrangeur: fel en hartstochtelijk afgewisseld met zacht, lyrisch en o zo duidelijk!
Al met al een prima concert, waarvoor het publiek gaarne een staande ovatie gaf. Zoran Dukic uitte daarop zijn waardering daarvoor met een teder gespeelde Testament d’ Amalia van Miguel Llobet.
Wie die Amalia nu eigenlijk was? Wel, dat is het onderwerp van een topic elders op deze web site.